We hanteren bij het volgen van kinderen diverse gegevens:
de informele gegevens: het werk van alledag geeft de leerkracht aanleiding tot het vastleggen van ervaringen in de
klassenmap. In de aanvangsjaren wordt het ontwikkelingsverloop bijgehouden in een logboek.
resultaten van methodegebonden toetsen worden vastgelegd in vorderingenoverzichten.
op vaste tijdstippen worden gestandaardiseerde toetsen afgenomen.
De gegevens van zowel de methodegebonden als de gestandaardiseerde toetsen worden geregistreerd.
Deze gegevens worden beheerd door de Interne Begeleider (IB’er).
In oktober wordt u uitgenodigd om samen met de groepsleerkracht te praten over het speel-,werk- en sociaal gedrag van uw kind.
In januari krijgt uw kind het eerste rapport mee en volgt er een tweede gespreksronde. In juni krijgt uw kind het derde rapport mee en kunt
u indien u dat wenst wederom het rapport bespreken.
Speciale zorg
Moeilijkheden met leren en andere problemen kunnen zowel door de leerkracht als de ouders worden opgemerkt.
Als het gemelde probleem daartoe aanleiding geeft, volgt een bespreking in het team, in de zogenaamde leerlingbespreking.
Hiernaast vormen vooral de uitslagen van toetsen aanleiding voor bespreking van een kind tijdens de leerlingbespreking.
Er staan jaarlijks 6 van dergelijke besprekingen op de agenda.
Als het nodig is, wordt er naar aanleiding van de leerlingbespreking, in overleg met de IB’er hulp gemobiliseerd.
Dat kan zijn in de vorm van extra aandacht tijdens de inlooptijd, de verschillende circuits of het blokuur, aangepast werk of
een heel andere leerlijn. Deze hulp vindt altijd plaats in de klas en wordt geboden door de eigen leerkracht, de IB'er of een
ambulant begeleider.
Mocht de deskundigheid ten aanzien van het gesignaleerde probleem binnen de school onvoldoende zijn, dan wordt na
overleg (en alleen met instemming van de ouders!!) hulp van buiten de school (O.B.D., Speciaal Onderwijs, RIAGG enz.) ingeschakeld.
Wanneer we in de leerlingbespreking vinden dat wij een kind niet langer op een verantwoorde wijze onderwijs kunnen bieden
binnen onze school, zullen wij toestemming aan de ouders vragen om advies in te winnen bij de Zorgcommissie van het
Samenwerkingsverband Weer Samen Naar School.
Dat kan resulteren in de hulp van een ambulant begeleider van het speciaal onderwijs, die ons tips geeft hoe om te gaan met een
bepaald probleem.
Het kan ook zijn dat de problematiek wat zwaarder is en we een indicatie Zorgleerling aanvragen. Daarbij worden altijd een
plan van aanpak en een onderwijskundig rapport aangeboden
(Van beide geschriften kunt u als ouder een afschrift vragen aan de IB’er: zij zal deze graag voor u kopiëren en met u bespreken).
Als de Zorgcommissie een indicatie afgeeft, krijgt de school extra geld voor een tijdelijke leerkracht of hulp van de OBD.
Datzelfde geldt voor verwijzingen naar het speciaal onderwijs.
Op het moment dat wij (team en ouders) tot de conclusie komen dat onze mogelijkheden uitgeput zijn,
proberen we de Permanente Commissie Leerlingzorg (=PCL) daarvan te overtuigen, zodat verwezen kan worden.
Wanneer deze commissie adviseert uw kind aan te melden bij een speciale school voor basisonderwijs,
zullen wij u aanraden dit te doen op de speciale school voor basisonderwijs De Tender te Schagen.
Het komt ook wel voor, dat de ouders het initiatief tot het starten van een verwijzingsprocedure nemen,
omdat hun kind zich niet gelukkig meer voelt op school. Als het welbevinden van een kind in het geding is,
werkt de school natuurlijk aan zo'n procedure mee.
Bovenschoolse leerlingenzorg
Alle basisscholen in de gemeenten Anna Paulowna, Harenkarspel, Niedorp, Schagen, Wieringermeer en Zijpe nemen deel aan het
Samenwerkingsverband WSNS (Weer Samen Naar School) Schagen.
Dat betekent dat wij een verbinding zijn aangegaan met de speciale school voor basisonderwijs De Tender te Schagen
(de fusie van de vroegere L.O.M.- en M.L.K.-school).
Jaarlijks schrijft de coördinatiegroep van het Samenwerkingsverband een Zorgplan, waarover directies en IB'ers overleg hebben
met de coördinatiegroep.
De uitgangspunten van het huidige Zorgplan draaien om "onderwijs op maat".
Overgang naar het voortgezet onderwijs
In groep 7 wordt de CITO-entreetoets afgenomen.Dit gebeurt in de maand mei. De resultaten zullen worden besproken met de ouders
en de leerkracht van groep 8. Dit gebeurt in november/december.
Met deze toets wordt bepaald hoever een kind op dat moment in zijn/haar ontwikkeling is, om zo te kunnen bepalen wat er in groep 8 moet
worden aangeboden. Tevens volgt er een voorlopig advies. In februari volgt er dan een tweede gesprek met daarin het definitief advies.
Het basisschooladvies is doorslaggevend.
Alle leerlingen, die in groep 8 het advies krijgen om VMBO theoretische leerweg en "daaronder" te gaan volgen, worden door de OBD getest.
Leerlingen met een HAVO of VWO-advies worden niet meer getest.
Het onderzoek is bedoeld om de school voor Voortgezet Onderwijs voldoende informatie te geven over de ontwikkeling van uw kind, zodat zij daar rekening
mee kunnen houden.
En dan gaan ze na schoolkamp, musical en afscheidsavond onze school verruilen voor een school in Schagen of Den Helder.
Een bijzonder moment!